|
Koninklijke Marechaussee/Korps Politietroepen In het najaar van 2004 is er binnen de VHM begonnen met het opzetten van de gelegenheidsgroep “ Koninklijke Marechaussee” als aanvulling op de groepen: 1900-1918 en 1939-1940. De geschiedenis Naast de politie in de steden en de veldwachters die op het platteland dienst deden, bleek er in Nederland na het vertrek van de Fransen, behoefte te bestaan aan een centraal aangestuurd bereden politiekorps. Men wilde dit korps een militaire structuur geven.

Op 26 oktober 1814 wordt door KoningWillem I een besluit getekend tot oprichting van een “Corps de Marechaussée”. Als model voor dit korps staat de Franse “gendarmerie.” In de tekst van het eerste artikel van het besluit krijgt de Marechaussee de opdracht: ‘Er zal worden opgericht een ‘Corps de Marechaussée’, bestemd om de orde te handhaven, de uitvoering der wetten te verzekeren en te waken voor de veiligheid der grenzen en grote wegen.’ De Marechaussee wordt belast met het verrichten van politiediensten ten behoeve van de krijgsmacht. Daarnaast fungeert de Marechaussee als orgaan van de Rijkspolitie. In 1908 wijst Koningin Wilhelmina ook de beveiligingstaak van het Koninklijk Huis toe aan de Marechaussee. Tijdens de mobilisatieperiode van 1914 - 1918 bestaat de taak van de Marechaussee tijdelijk uit politietoezicht over het gemobiliseerde Nederlandse leger. De Koninklijke Marechaussee vervult rijkspolitiediensten, een situatie die tot in 1940 zou voortduren. Korps Politietroepen In de woelige maanden van het beëindigen van de eerste wereldoorlog ziet de socialistisch voorman Troelstra zijn kans schoon. Middels een staatsgreep tracht hij het socialisme door te drukken in het staatssysteem. Het koningshuis wordt fysiek bedreigd en de opstand wordt met militair vertoon neergedrukt. Dit incident is de directe aanleiding om het al bestaande korps van militaire hulppolitie om te zetten in een korps Politietroepen (per 15 juli 1919). Het korps bestaat uit beroepsmilitairen en komt tot 1935 onder de inspectie van de Marechaussee. Vanaf 1935 heeft het KPT haar eigen inspectie. Het takenpakket is breed. Naast diensten voor de Kmar is vanaf mei 1920 ook de grensbewaking/beveiliging een taak van dit Korps. Het korps is klein, nog geen tweeduizend man. De herziening op de wet in 1922 houdt een ernstige inkrimping van de eenheid in. Het korps overleeft echter deze bezuinigingsronde. In de mobilisatietijd 1939-1940 wordt het stricte beroepskorps ontsloten en de eerste dienstplichtigen doen hun entree. De compagnieën PT doen hun specifieke beveiligingsdiensten in de kazematten en op de bruggen langs de grens waar zij als "first contact troops" fungeren. In 1940 houdt het korps op te bestaan. Zij wordt niet meer heropgericht na de oorlog. Op 5 juli 1940 verloor de Marechaussee het predikaat ‘Koninklijke’. Op last van de Duitse bezetter gaat de Marechaussee op in de burgerpolitie, waarmee zij tevens de militaire status verliest. De Rijksveldwacht en Gemeenteveldwacht worden opgeheven en ondergebracht bij de Marechaussee waardoor buiten de steden één Rijkspolitiekorps ontstaat onder de naam Marechaussee. Buiten Nederland echter blijft de naam Koninklijke Marechaussee wel voortbestaan. Zo’n tweehonderd marechaussees weten ons land na de capitulatie te verlaten en voegen zich bij de Regering in London waar zij onder meer de beveiliging van de Koninklijke familie in Engeland verzorgt. Daarnaast treden veel marechaussees in dienst van de in 1941 opgerichte brigade “Prinses Irene”. Anderen kiezen voor een opleiding tot commando en worden ingedeeld bij “No10 (I.A.) Commando”. Bovendien is een aantal marechaussees tijdens de oorlog boven Nederland gedropt als geheimagent.

De groep Koninklijke Marechaussee en Korps Politietroepen (Kmar/KPT) De groep is ontstaan uit de wens bij evenementen van het Nederlands veldgrijs ook de Marechaussee te kunnen tonen. Dit is door een paar VHM-leden opgepakt en resulteerde in een gelegenenheidsgroep. Dat houdt in dat de groep bestaat uit deelnemers die hun hoofdactiviteit bij een andere groep hebben liggen. Net als bij andere groepen van de VHM ligt de standaard hoog. Dat houdt in dat de historische waarheid zo goed mogelijk wordt benaderd. Daar met name de KMar nog steeds herkenbaar bestaat kunnen geen grote concessies gedaan worden! De groep treedt op als 'voeters' 1939-1940. De Marechaussee is gekleed in de broek beredenen echter zonder lederen zolder. Zij draagt beenkappen, de jas met opstaande kraag en natuurlijk de herkenbare nestels. Op het hoofd wordt de blauwe kepie gedragen. Het zwartlederen goed met pistooltas, tas magazijnen en donkerblauw pistoolkoord completeert het geheel bijna! Bij evenementen is het tot nu toe altijd gelukt om met klewang op te treden. De exercitie daarvoor wordt door de wachtmeester onderwezen. Evenementen waar de groep bij aanwezig is geweest de laatste jaren zijn: - defilé te Wageningen op 5 mei; - veteranendag Koninklijke Marechaussee eind september; - Open Monumentenweekeinde fort Vechten. De groep staat niet stil en kijkt verder. De inwerkingstelling van een groep Korps Politietroepen is nu slechts een queastie van tijd. Het wachten is op uniformen. Vanuit de groep Nederland Paraat zijn al mensen die zich geïnteresseerd hebben getoond om hieraan vorm te geven. Verdere ambities zijn het kunnen presenteren als militaire politie tijdens de politionele acties (N. O.-Indië) en als Marechaussee in de jaren vijftig: de veldtenue ruwe stof. Dit ligt nu nog in de toekomst. Geïnteresseerd? Erik de Bruin E-mail:
Dit e-mailadres is beveiligd tegen spambots, u heeft JavaScript nodig om het te kunnen bekijken
Dit e-mailadres is beveiligd tegen spambots, u heeft JavaScript nodig om het te kunnen bekijken
|